
Precies een jaar geleden schreef ik voor Looptijden.nl een column over korte rokjes. Oftewel: een oratie over hoe het me nog steeds niet gelukt was een leuke, hardlopende vrouw te vinden. Hoeveel korte rokjes en wapperende paardenstaartjes ik ook zag voorbij paraderen. Tot op de dag van vandaag is het mijn meest gelezen stuk.
De reacties op mijn – blijkbaar herkenbare – betoog bleven binnenstromen. In opmerkingen onder de column en in mijn mailbox. Het ging zelfs zo ver dat ik hier en daar ben aangehaald; of ik nog een plek wist waar veel meisjes met paardenstaarten hardlopen. Natuurlijk hoop je met zo’n onderwerp een gevoelige snaar te raken. Maar deze hoeveelheid reacties had ik niet verwacht. Nu de ‘korte rokjes’-column zijn eenjarige bestaan viert, is het tijd voor een update, een tweede deel. Er is namelijk wel iets veranderd sindsdien.
Snelle verandering
Ik loop nog steeds hard. Meisjes met korte rokjes ook. Ik zie ze tijdens wedstrijden, een rondje in het bos of langs overvolle terrassen. Ik kan er tot op de dag van vandaag van genieten. Maar van binnen kriebelt het minder. Voel ik de zenuwen van een onhandige benadering niet meer. Hoe dat komt? Ik heb mijn eigen meisje. Soms draagt ze een kort rokje. En ja, ze loopt ook hard. Hoezee!
Het is allemaal vrij snel gegaan. Enkele maanden na de column leerde ik haar kennen. Op een moment dat ik het niet verwachtte. Er geen rekening mee hield. En ik vooral ook niet aan het hardlopen was. Het klikte. Ook al liep ze nauwelijks hard.
Het voelt goed om nu iemand aan mijn zijde te hebben. Kort rokje of niet, ze gaat mee naar wedstrijden om me aan te moedigen. Ik heb haar zelfs geïnspireerd het hardlopen weer op te pakken. Trots ben ik dan ook als ze hier en daar een wedstrijdje meeloopt. En zeker niet onverdienstelijk. Zou dat door mij komen?
Rust
Ik loop nu mijn rondjes rustiger dan ooit. En dan doel ik niet op mijn tempo. De ene na de andere paardenstaart wappert voorbij. Een paar goed gevormde billen rent recht voor me. Een lieve glimlach aan de overkant van de weg. Zelfverzekerd zeg ik gedag. Maak ik een praatje als ik wil. Zonder verwachtingen, zonder zenuwen. Ik voel me goed.
Wat jullie hier aan hebben? Dat weet ik niet precies. Wel kan ik jullie iets op het hart drukken. Dus ben jij een hardlopende vrijgezel, prima. Wees blij met dit vrije leven. Je hebt tijd over om hard te lopen. Ken je echter wel die onrust? Dan is het heel eenvoudig: blijf gewoon doen waar je goed in bent. Of dat nu hardlopen om de ereplaatsen is of gewoon een beetje joggen door het bos. Denk vooral niet te veel na en twijfel niet aan jezelf. Geniet gewoon van al het moois dat je ziet. Of dat nu de natuur is of een kort rokje. Dan komt het allemaal goed. Zelfs bij mij.
Ik ben benieuwd naar jullie reacties.
Deze column verschijnt ook op Looptijden.nl, de grootste hardloopcommunity van Nederland. Ik ben hier vaste columnist.





Thursday, 24. November 2011
Ik ben zo blij met dit bemoedigend bericht. Ik ben een spange boy van 20 en ik ren als een malle. Natuurlijk ben ik verkikkerd op de sport. Maar oh: die dikke, lekker billen. Daar doe ik het voor. En ja, dat vinden mensen soms ‘apart’. Ik ben dus blij dat het met mij ook goed gaat komen. Ik blijf inderdaad doen waar ik goed in ben: in een lekker kontje knijpen! Er zal vanzelf een meisje komen, die dat heerlijk vindt en helemaal voor mij gaat. Misschien gaat ze er ook wel harder van rennen?